Update 7 mei: ICD-10 codering COVID-19

Graag informeren wij u over een nieuwe update voor de ICD-10 codering van COVID-19 in de medische LBZ. In deze update zijn onder andere opgenomen: de codering van COVID-19 uitgesloten, isolatie en complicaties. Deze update is met terugwerkende kracht geldig vanaf 1 januari 2020.

Wij adviseren daarom om voor eerder gecodeerde opnamen waar nodig te beoordelen of de codering juist is of mogelijk aangepast moet worden. Voor de opnamen waar naar aanleiding van dit codeadvies code Z03.8 van toepassing is, is dat waarschijnlijk niet goed mogelijk omdat de betreffende opnamen niet altijd te achterhalen zijn.

Hieronder vindt u het advies.


Vraag

Hoe codeer je COVID-19?


Advies

Voor de codering is het belangrijk om aan de hand van de ontslagbief en de laboratoriumtesten vast te stellen of:

  • het virus is geïdentificeerd;
  • COVID-19 is uitgesloten;
  • COVID-19 / verdenking op COVID-19 de hoofdreden van opname was of een nevendiagnose;
  • er manifestaties van de infectie zijn en zo ja welke;
  • er complicaties tijdens de opname zijn en zo ja welke.

Net als bij alle andere opnamen is het van belang om alle relevante nevendiagnosen en risicofactoren (zoals roken en overgewicht) juist te coderen (zie codeadvies 0-2).


U07.1 COVID-19, virus geïdentificeerd

  • Gebruik deze code alleen als COVID-19 is bevestigd door middel van een positieve laboratoriumtest.
  • Eventuele manifestaties worden aanvullend vastgelegd.


U07.2 COVID-19, virus niet geïdentificeerd

  • Gebruik deze code alleen als er sprake is van:
    • verdenking op of vermoedelijk COVID-19, maar nog niet bevestigd door middel van een positieve laboratoriumtest;
    • een CT-scan en/of klinisch beeld dat wijst op COVID-19, maar nog niet is bevestigd door middel van een positieve laboratoriumtest;
    • COVID-19 NNO (indien niet duidelijk is of er een laboratoriumtest is uitgevoerd of als de testuitslag nog niet bekend is).
  • Eventuele manifestaties worden aanvullend vastgelegd.

Let op: Gebruik U07.2 niet indien er een verdenking was, maar COVID-19 uiteindelijk is uitgesloten (zie hieronder).


COVID-19 uitgesloten

  • Als COVID-19 na een negatieve laboratoriumtest en/of op basis van een CT-scan en/of het klinische beeld is uitgesloten, codeer dan de gediagnosticeerde aandoening of het symptoom en aanvullend Z03.8 om aan te geven dat de patiënt op de verdenking is getest. Als er geen aandoening of symptoom is vastgesteld, registreer dan alleen code Z03.8.


Isolatie 

  • Codeer isolatie bij (verdachte) COVID-19-patiënten aanvullend met Z29.0 ‘isolatie’.


Complicaties

  • Codeer alle manifestaties/aandoeningen en complicaties die tijdens het ziekenhuisverblijf ontstaan met de aanduiding ‘C’ van complicatie bij de ICD-10 code (volgens codeadvies 0-19 ‘De aanduiding ‘C’ van complicatie in de LBZ).


Niet registreren 

  • De codes B34.2 en B97.2 worden niet (aanvullend) geregistreerd bij gebruik van U07.1 en U07.2. Deze codes zijn alleen van toepassing op de overige (niet COVID-19) corona-infecties.


Hoofddiagnose/nevendiagnose

  • Indien (verdenking op) COVID-19 de hoofdreden van opname is: codeer U07.1/2 als hoofddiagnose.
  • Indien COVID-19 niet de hoofdreden van opname is: codeer U07.1/2 als nevendiagnose.
  • COPD (met én zonder exacerbatie) in combinatie met COVID-19: codeer U07.1/2 als hoofddiagnose (let op: wijkt af van de bestaande COPD-codeadviezen).
  • Respiratoire insufficiëntie en COVID-19: codeer U07.1/2 als hoofddiagnose en primaire diagnose, ook als er sprake is van een overdracht en/of medebehandeling vanwege de respiratoire insufficiëntie (let op: afwijkend van advies 10-6).

NB Voor alle bovengenoemde situaties geldt de volgende uitzondering: Indien na (laboratorium)onderzoek geen COVID-19, maar een andere aandoening is vastgesteld; codeer dan de vastgestelde aandoening op de gebruikelijke wijze. In dat geval is U07.1/2 niet van toepassing, zie ook voorgaande tekst over ‘COVID-19 uitgesloten’.


Naslaan laboratoriumtesten

  • Indien de arts als diagnose COVID-19 aangeeft, maar in de ontslagbrief geen laboratoriumtest op COVID-19 is vermeld, adviseren we specifiek voor déze situatie het epd te raadplegen op positieve dan wel negatieve laboratoriumtesten op COVID-19.


Voorbeelden

  • Indien (verdenking op) COVID-19 de hoofdreden van opname is:
    • COVID-19 bevestigd d.m.v. een positieve laboratoriumtest, met viruspneumonie: U07.1 + J12.8
    • COVID-19 NNO met viruspneumonie bij patiënt die rookt en overgewicht heeft: U07.2 + J12.8 + F17.1 + E66.9
    • COVID-19 bevestigd d.m.v. een positieve laboratoriumtest, met virale gastro-enteritis: U07.1 + A08.3
    • COVID-19 bevestigd d.m.v. een positieve laboratoriumtest, met viruspneumonie en acute respiratoire insufficiëntie.
      Patiënt ligt drie weken opgenomen bij de internist: U07.1 (hoofddiagnose) + J12.8 + J96.09
      Tijdens het verblijf wordt patiënt kort overgenomen door de intensivist vanwege de respiratoire insufficiënte: U07.1 (primaire diagnose) + J12.8 + J96.09
    • COVID-19 met pneumonie op basis van aanhoudend klinisch beeld en CT-scan van de longen, geen bevestiging d.m.v. laboratoriumtest: U07.2 + J18.9
  • Indien COVID-19 niet de hoofdreden van opname is, codeer U07.1/2 dan als nevendiagnose:
    • Opname vanwege een acuut transmuraal voorwand myocardinfarct, tevens blijkt uit genomen test patiënt COVID-19 positief: I21.0 + U07.1
  • Indien COVID-19 is uitgesloten:
    • 7. COVID-19 verdenking met pneumonie, na laboratoriumtest blijkt geen COVID-19 maar een adenoviruspneumonie: J12.0 + Z03.8
  • COPD (met én zonder exacerbatie) in combinatie met COVID-19
    • Exacerbatie van COPD o.b.v. een pneumonie en COVID-19 bevestigd d.m.v. een positieve laboratoriumtest: U07.1 + J44.0- + J12.8
    • Verdenking COVID-19 met COPD NNO: U07.2 + J44.99
  • Complicaties
    • COVID-19 bevestigd d.m.v. een positieve laboratoriumtest met viruspneumonie, in verloop van de opname ontwikkelt patiënt een acute respiratoire insufficiëntie en acute nierinsufficiëntie: U07.1 + J12.8 + C J96.09 + C N17.9 


Bovenstaand advies zal deze maand worden verwerkt in een nieuwe versie van het document ICD-10 codeadviezen. 


Heeft u nog vragen?

Neem dan contact met ons op. U kunt mailen naar info@dhd.nl of tijdens kantooruren bellen naar 030 799 61 65.